donderdag 5 maart 2015

De vrouw in het rood: Deel 43















43.

            ‘Wat betekent dit, Meneer de Tavernier?’ Katarina gebruikte expres zijn militaire titel niet. Jean-Pierre zag aan haar ogen dat ze woedend was. Hij kon dit ook begrijpen. Katarina was de laatste tijd van het ene naar de andere emotionele hoogtepunt gegaan. Een rollercoaster van gevoelens, een achtbaan van verschrikking en angst. Het was enkel de stille dreiging van het pistool dat Jacques losjes in zijn hand hield, dat haar tegenhield om zich op de man met het champagneglas te werpen.
            Generaal de Tavernier bleef onverstoord onder de prangende vraag van de vrouw. ‘Geen drama alstublieft. Jacques, stop die proppenschieter weg voor er ongelukken gebeuren. Ik had je toch gevraag om niet op te vallen. We moeten de Parijse politie geen aanleiding geven om hun neus in onze zaken te steken.’
            Jacques stopte het wapen in zijn holster en keek onverholen vijandig naar Jean-Pierre en Katarina. ‘Ik dacht dat ze anders niet zouden meegekomen zijn, Generaal. Het was toch de bedoeling dat ik ze meebracht en niet dat ze van ons zouden weglopen, niet?’
            De Generaal zuchtte melodramatisch. ‘Oké, nu we hier toch zo knusjes en gezellig samen zijn wil ik iedereen op zijn gemak stellen. Katarina, Jean-Pierre, ik heb geen kwaad met jullie in de zin. Jacques is al altijd wat voortvarend geweest en jij, Katarina, zou dat het best moeten weten.’
            Katarina’s oude vriend trok even de wenkbrauwen op, maar liet deze schimpscheut voor wat ze was. Blijkbaar waren de opmerkingen van zijn opdrachtgever tot hem doorgedrongen en zijn blik verzachtte wat. Hij had nog altijd niet zijn nederlaag in ‘Le Tapis Rouge’ niet verwerkt. Zijn grote ego was gekwetst en daar zou niemand verandering in kunnen brengen, zelfs de Generaal niet.
            ‘Ik weet enkel en ik wil er met alle nadruk op steunen, dat wij niets te maken hebben met de razzia op het kasteel. Noch ik, noch Jean-Pierre hebben de politie getipt. Het moet iemand anders zijn geweest. Eigenlijk verbaast het me erg dat u zo over mij denkt, Generaal. Voor Jean-Pierre sta ik garant met mijn leven. Je zou moeten weten wat hij allemaal voor mij heeft gedaan de laatste tijd, dan zou je hiervan ook overtuigd zijn.’
            Met een glimlach op zijn gezicht vulde de Generaal drie glazen. ‘Hier drink wat om de gemoederen te bedaren en de vriendschapsbanden te vernieuwen. Ik zeg dit, Katarina, omdat ik weet dat jullie daar niets mee te maken hebben.’
            ‘Maar…,’ Katarina keek hem verbaasd aan, ‘als u weet dat wij onschuldig zijn, waarom dan al deze geheimzinnigheden en dan onze ervaringen met Helga en Irene in de SM-club? Zo vriendelijk bleken die nu ook weer niet te zijn.                    
            De legerofficier maakte een theatraal gebaar met de hand alsof hij haar opmerkingen weg wilde waaien. ‘In het begin, ik moet het toegeven, had ik mijn twijfels over je vriend, Jean-Pierre. Het hielp natuurlijk niet dat Jacques hier wat kolen op het vuur gooide, zodanig dat ik tot mijn spijt misschien wat onbezonnen heb opgetreden.’
            Jacques gromde tussen zijn tanden en nam een grote slok van het hem aangeboden glas champagne. De twee geliefden hadden hun glas pertinent geweigerd.        
            ‘We hebben de echte schuldige ondertussen gevonden. Het was de chauffeur van Madame Therese. Hij stond op de payroll van de vriendjes van de Franse Minister. Ja, inderdaad, de man van de tapes.’
            Katarina en Jean-Pierre begonnen zich te ontspannen. Het leek inderdaad dat hun goede naam die aangetast was ondertussen gezuiverd was. De puzzelstukjes begonnen in elkaar te passen. Madame Therese en haar contacten met de Franse Minister, de chauffeur in dienst van de gangsters en de daaropvolgende razzia op het Chateau, alles paste ineen.
            ‘Ik zie dat jullie nu ook begrijpen hoe de zaken ineen zitten en dat ik jullie allesbehalve een kwaad hart toedraag. Maar zeg me nu heel eerlijk, hoe is het met Beatrice?’
            Katarina keek hem onderzoekend aan. Ze zag dat zijn gezichtstrekken nu bezorgd stonden. Ze had wel zoveel mensenkennis om te zien dat dit niet gespeeld was. Misschien hadden ze een sterke bondgenoot gevonden. Ze besloot om alles te vertellen. Over hun wedervaren na hun ontsnapping uit ‘Le Tapis Rouge’ en over hun ontmoeting met de gangsters die haar moeder hadden ontvoerd. Ze maakte het verhaal kort door niet uit te wijden over hun avonturen hoe ze de tapes hadden bemachtigd, maar volstond om te zeggen dat ze die nu in handen hadden.
            ‘Goed, heel goed!’ De Generaal had er duidelijk zijn zin in hoe ze de situatie hadden aangepakt. ‘Jullie hebben dit op de juiste manier aangepakt. Ik wist dat er iets met Beatrice gebeurd was. Haar ontvoering uit het justitiepaleis zei genoeg. Gezien de moord op Monsieur Charles was is zeker dat er misdadige elementen achter gans dit gebeuren zaten. Daaruit volgt dat zij op de hoogte waren van jullie plannetjes. Jammer genoeg moet ik daarom nu veronderstellen dat deze zelfde mensen jullie al een tijdje zullen geschaduwd hebben. Dat wil zeggen dat zij jullie naar de Moulin Rouge zullen gevolgd hebben en dat zij nu weten dat jullie in deze limousine zitten.’
            De redenering van Generaal de Tavernier deed Jean-Pierre en Katarina schrikken en ongerust naar elkaar kijken. ‘Hoe bedoelt u, Generaal, zijn we in gevaar?’
            ‘Geen paniek, ik heb mijn voorzorgen genomen en verwacht ieder moment een telefoontje van een paar van mijn mannetjes in een andere volgwagen.’
            Hij had amper de woorden uitgesproken of zijn mobieltje zoemde in zijn binnenzak. Het was alsof zijn handlanger gewacht had op een sein om hem te bellen. Hij viste het geluid makende ding uit zijn vest, klapte het open en luisterde een ogenblik. ‘Oké…goed…berg ze even veilig op.’
            Twee paar vragende ogen keken hem aan.
            ‘Jullie schaduwen zijn per toeval op twee van mijn mannetjes gebotst, figuurlijk dan. Ze zijn in verzekerde bewaring gesteld en we hebben geluk, ze hebben de laatste paar uur geen contact met iemand gehad. Ik had instructie gegeven om te kijken of jullie gevolgd waren van de Carlton naar de Moulin Rouge. Ja, ik wist ondertussen dat jullie daar waren. De volgende keer een wat minder opvallend hotel nemen als jullie zich op de achtergrond willen houden. Enfin, ik heb mijn mannen gevraagd om hun mobieltjes te checken en hun laatste bericht is van wanneer jullie vertrokken naar de Moulin Rouge.’
            Katarina zuchtte even. Ze was blij dat ze alles verteld had en ook gerustgesteld dat Jean-Pierre’s naam gezuiverd was. ‘En nu, Generaal, wat doen we nu? Zullen ze moeder niet doden als ze geen contact met onze schaduwen meer hebben.’
            ‘Geen schrik, morgenochtend komen die twee snoodaards wakker met een houten kop en zullen constateren dat hun geld, hun bankkaarten en hun auto gestolen is. Een ‘toevallige’ getuige zal hen vertellen dat ze dit heeft gezien, nadat ze neergeslagen en verdoofd werden. Waarom zouden ze twijfelen aan de woorden van een jonge tiener. Zeker als die een riante beloning van mij zal krijgen als ze héél overtuigend is. Alles zal afgedaan worden als een gewone overval voor het geld en de wagen.’
            Ze zag in de ogen van de Generaal dat hij alle touwtjes in handen had en dat ze niet direct moest vrezen voor het leven van haar moeder. ‘Dat is goed, bedankt, maar wat is de volgende stap? Zullen die ontvoerders moeder zo maar laten gaan voor de tapes? Zowel wij als zij hebben hun gezicht gezien. Ik ken zo’n types, die deinzen voor niets terug.
            Er kwam een koele blik in de ogen van Generaal de Tavernier. ‘Daarom gaan we nu eens goed plannen hoe we Beatrice veilig terug in handen kunnen krijgen en die gangsters achter de tralies. Ik vrees dat jullie rol nog niet is uitgespeeld, maar wees gerust, ik heb al voor hetere vuren gestaan. Deze mensen weten niet met wie ze nu te maken hebben…maar dat zal niet meer lang duren!’

© Rudi J.P. Lejaeghere

28/02/2015

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen