donderdag 14 januari 2016

Ommekeer













De bladeren zijn van de takken geschreven,
het ziekelijke gif in mij is uitgevloeid,
in hars gestold, de etterende wonden gedicht
de wolken voor de zon zijn weggedreven.

Waar ik in lengte en breedte was verdwaald,
heeft nu vorm, inhoudelijke diepte gekregen,
ik ben niet meer in schaduwen geprojecteerd,
zweef min of meer vrij in menselijke sferen.

Ik heb de weg achter mij met rood bedekt,
met zweet en tranen mij tot hier gesleept,
nu sta ik recht, op mijn benen zie ik verder,
plots heeft mijn leven een einder gekregen.

In de ommekeer is het woord, de zin herboren,
het niets is enkel een plaats om op te vullen,
ik hoor het ruisen van het riet, de rivier, het brullen,
het water stroomt op een lied in mij vanbinnen.

© Rudi J.P. Lejaeghere
14/01/2016




Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen