zaterdag 30 april 2016

Requiem: Hoofdstuk 45 (1e deel)









45



            Gekko was uiterst geconcentreerd op ten minste vijf schermen tegelijk bepaalde parameters in het oog aan het houden. Joeri en Nikolaj hadden het moeilijk. De wind was hen halverwege de toren parten gaan spelen. Ze waren hun klimtocht begonnen bij het invallen van het duisternis en hadden gerekend op een drietal uur om de top te bereiken. Tot bijna 400 meter hoog hadden ze zelf vlugger geklommen dan verwacht. Blijkbaar had de natuur plots in de vorm van een onverwachte wind daar anders over beslist. De twee geveltoeristen waren niet aan hun proefstuk toe en zij volhardden in hun zware opdracht niettegenstaande ze nu wel heel wat trager vorderden. Het vergde steeds een grotere krachtinspanning om de volgende stap te doen, of om de andere hand te verplaatsen. Gekko maakte direct een nieuwe simulatie en berekende dat het op zijn minst een paar uur extra zou duren vooraleer Joeri en Nikolaj de top bereikten. Dat was de optimistische versie van zijn simulatie.
            Op een ander scherm zag Gekko dat op het gelijkvloers aan de ingang van de toren wat commotie was ontstaan. Ook de nachtwaker van de New World Highest had een dame zien passeren die plots door een of ander straatdiefje werd aangevallen en aan de haal hing met haar handtas. De jonge man die een bivakmuts ophad, duwde de dame op de grond, greep haar handtas en vluchtte weg.
            Peter Jackson, een van de nachtwakers in de New World Highest zag dat de dame roerloos bleef liggen. Hij kende de dienstregels van het bedrijf. Hij mocht onder geen beding zijn post verlaten. Van achter zijn werkpost hield hij een tiental schermen in het oog, een saaie job, maar nachtwerk betaalde nu eenmaal goed. De regels schreven voor om in zo’n geval de politie te contacteren. Maar de dame kon bewusteloos zijn, gekwetst of een hartaanval hebben gekregen van de schrik. Peter Jackson had een cursus eerste hulp bij ongevallen gevolgd en was met onderscheiding geslaagd. Daarom wist hij dat in sommige gevallen de eerste minuten van cruciaal belang waren. Zijn empathie in deze situatie won het van zijn werkethos. Hij kwam van achter zijn schermen en zocht zijn loper om de dubbele deur te ontsluiten. De dame bewoog nog steeds niet. Zonder dralen schakelde hij het deuralarm uit, vond de juiste sleutel, ontsloot het gebouw en spoedde zich naar buiten. Net toen hij bij de dame kwam, zag hij dat ze tekenen van leven gaf. Ze probeerde moeizaam rechtop te zitten. Een zucht van verluchting ontsnapte hem. Ze keek hem met verdwaasde ogen aan.
            ‘Wat is er gebeurd? Hoe….oh ja, mijn handtas, een dief, ik ….mag ik misschien een glaasje water. Ik voel mij niet zo lekker.’ De dame in kwestie zag er niet mis uit. Slavische trekken in haar gezicht en heel verleidelijke ogen. Ogen waar je in kon zwemmen en verdrinken, dacht Peter Jackson zoals velen voor hem Iléna Federova’s ogen hadden beschreven.
            ‘Natuurlijk, voorzichtig maar. Heb je hoofdpijn? Ben je gekwetst?’
De dame zuchtte, ‘ja…mijn vertrouwen in de mens is gekwetst. Je kan ’s avonds al niet meer gewoon lang straat naar huis gaan of je wordt overvallen. Neen, ik ben niet lichamelijk gewond…al voel mijn nog wat duizelig… waarschijnlijk niets ergs. Als ik dat glas water krijg en wat rust denk ik dat alles in orde komt.’
Peter Jackson had bij een vlugge controle ook gezien dat het er in eerste instantie allemaal ernstiger had uitgezien dan het leek.’ Steun maar op mijn schouder mevrouw, we gaan even naar binnen. Daar kan je even op adem komen en wat drinken. Ondertussen zal ik de politie waarschuwen.’
Iléna liep mee met de Peter Jackson en steunde héél nadrukkelijk op hem. Ze moest hem toch de indruk geven dat hij een inspanning leverde. Het zou pas verdacht lijken als ze binnen tippelde alsof er niets gebeurd was. Feliciano had zijn opdracht goed uitgevoerd. Zijn moeder zou moeten weten dat hij zich had voorgedaan als een dief met een bivakmuts, het arme mens zou het niet overleven. Ondertussen was hij waarschijnlijk terug thuis waar hij met Gekko in contact zou komen en de missie op bepaalde punten zou moeten dirigeren. Hij kende beter dan iedereen onder hen het gebouw en al was Gekko dan nog zo’n slimme knul zoals Feliciano hen had verteld, hij zou alle hulp kunnen gebruiken.
Iléna zag van onder haar wimpers de code die hij gebruikte om het alarm van de dubbele deur weer op te zetten, terwijl ze overdreven damesachtig als afleiding zich wat frisse lucht toewuifde. Peter Jackson leidde Iléna tot bij zijn werkpost en zette haar in zijn eigen bureaustoel waarbij hij prompt als beloning een substantie uit een kleine verstuiver in het gezicht kreeg. ‘Hé, wat…?’ was het enige dat Peter Jackson nog kon mompelen vooraleer hij als een zak zout in elkaar zakte. Iléna was vliegensvlug opgestaan en had Peter opgevangen. De vriendelijke man die haar gered had, mocht zich toch niet kwetsen door hard op de vloer neer te komen. Ze gaf een kusje op haar vinger en drukte die dan op zijn lippen. ‘Spokoynoy nochi, goeie nacht…vriendelijke man. Ik zal voor een tijdje je werk overnemen. Lief van mij hé!’
Gekko hoorde haar commentaar en zag wat er allemaal was gebeurd. Hij schudde verbaasd zijn hoofd. Die westerse vamp wist van wanten, alhoewel met haar Russische roots zat ze qua afkomst ergens halverwege tussen beide werelden. Ze wist hoe ze mannen moest aanpakken en kende hun zwakheden voor het vrouwelijke geslacht. Dat was natuurlijk altijd meegenomen. Hij hoopte alleen maar dat de nachtwaker lang genoeg buiten strijd zou zijn. Hij zag dat Joeri en Nikolaj nu weer iets rapper stegen. De wind was iets gaan liggen. Dat was dan weer een meevaller. Maar boven was er nog een grote weg te gaan.



……..



            Generaal Douglas Porter rookte een grote Cubaanse sigaar, een echte Montecristo. Hij blies met genoegen de rook in de hoogte. Dat was pas een goede sigaar. Montecristo Cabinet A Especial, een van de grotere formaten, 23,5 centimeter lang en een diameter van bijna 18,7 millimeter. Van smaak eigenlijk licht maar met een specifiek aroma dat je nooit meer vergat eenmaal je er een gerookt had. Niettegenstaande de scherpe bijsmaak waar hij wel van hield, zou hij de smaak toch  redelijk mild noemen. De kenners beweerden dat de Cohiba heel wat beter was dan de Montecristo. Niet dat hij die niet kon appreciëren als verstokte sigaarroker  -de Gran Reserva-edities van de Cohiba waren voor velen een soort van investering of collectoritems - maar zijn favoriet zou steeds de Montecristo blijven.
Het deed hem trouwens ook altijd denken aan het verhaal van Alexandre Dumas uit 1844, waarbij het hoofdpersonage Dantès zich de naam van graaf van Monte-Cristo toe-eigende en wraak nam op de personen die hem 14 jaar in de gevangenis had doen belandden. De schat die Dantès op Monte-Cristo vindt vergeleek hij met de schat die hij gevonden  had door zich te scharen achter de ideeën van de senator. Mits zijn medewerking kreeg hij alles wat zijn hartje lustte. Een lekkere sigaar, Montecristo of Cohiba, een fles Moët & Chandon, wat hij maar vroeg werd hem bezorgd. Hij had eenmaal geprobeerd zijn seksuele voorkeur op te dringen aan de senator maar dat zou hij niet meer proberen. Wat hij deed in zijn vrije tijd ging haar niet aan, had ze gezegd, maar ze zou niet moedwillig meewerken aan die smeerlapperij.
De pot verwijt de ketel dat hij zwart ziet, had hij toen gedacht. Alsof haar handen zo zuiver waren. Maar zijn vrees dat ze openbaarheid zou geven aan zijn ‘zwakte’ had hem teruggefloten. Maar al bij al had hij zijn beslissing tot nu nog niet beklaagd. Het feit dat zijn soldaten gebrainwasht werden, had hij wat erover gevonden, maar hij bleef achter het idee van een superleger met supersoldaten staan. De rest kon hem uiteindelijk geen bal schelen.
De senator had hem juist ontboden. Ze wou de laatste voorbereidingen voor de invasie met hem nog even doornemen. Dat mocht voor haar bij een glaasje en een sigaar want ze vond dat na die grote weg die ze afgelegd had er voor haar ook wel een glaasje af mocht. Sigaren waren niet aan haar besteed, niettegenstaande ze wel hield van de geur van een Cubaanse sigaar. Haar vader was ook een sigaarroker geweest en het deed haar soms terugdenken aan een tijd zonder zorgen. Ze had een moeilijke tijd gehad toen hij stierf. Plots uit haar leven gesneden. Een fatale hartaanval! Eens een vaderskindje, altijd een vaderskindje zegt men. Ze herinnerde zich de begrafenisdienst alsof het gisteren was. Toen hadden ze ook het Requiem van Mozart gespeeld en ze had dagen geweend en hem jaren gemist. Ze hoorde nog het koor de laatste zinnen zingen.

Lux aeterna luceat eis Domine
cum sanctis tuis aeternum
quia pius es.

En het eeuwige licht verlichte hen, o Heer,
Bij Uw heiligen in eeuwigheid
omdat Gij goedertieren zijt.

Op dat moment had ze God verwenst, had ze hem de rug toegekeerd. Misschien dat het daarom was dat ze die muziek als trigger had gebruikt bij Michael om zijn en haar woede te voeden. Een psycholoog zou het waarschijnlijk allemaal wel kunnen plaatsen, maar haar maakte het nu niet meer uit. Het was immers ook een tijd geweest dat zij naar iedereen zijn pijpen moest dansen. Het was moeilijk om als vrouw ergens te geraken in de politiek. Zij zwoer toen dat ze daar paal en perk aan zou stellen. Ze zou zich nooit meer laten vernederen zoals in die tijd. Er zou een tijd komen dat zij de plak zou zwaaien en dat zij het voor het zeggen had. Dit moment lag nu voor het grijpen. Zowel de generaal als zij voelden dit en ze waren wat uitgelaten, minder formeel dan anders. Jammer van zijn voorkeur, maar anders zag hij er nog zo mis niet uit…voor zijn ouderdom toch, dacht ze even.
‘Generaal,’ ze noemde hem steeds zo, niettegenstaande hij had aangedrongen om hem bij zijn voornaam te noemen. Het mocht dan wat informeler zijn, de afstand moest bewaard worden. ‘Je leger is nu volledig behandeld. Zijn ze volgens jou klaar voor de invasie?’ Ze wou haast maken. Haar machtshonger was zo groot geworden, dat ze stond te springen om tot actie over te gaan. Ze had afgesproken met Douglas Porter dat hij een deel van het leger in het Westen zou houden om de gemoederen te bedaren, moest dit nodig zijn.
‘Mevrouw, ze staan allemaal te popelen om erin te springen. Ik herken mijn eigen mannen niet meer. Gelukkig dat ze nog op mijn commando’s reageren want ik heb soms schrik als ik hun in de ogen kijk. Met zo’n leger overwin je iedereen.’
De senator had in de programmering en de brainwashing van de soldaten een aantal zaken laten inbouwen. Een van die dingen was, dat de soldaten steevast de orders van Generaal Douglas Porter moesten opvolgen. Zij had Jim McFinster en Phil Collins er wel op gewezen dat zij op een console in haar bureau visueel en auditief die acties moest kunnen opvolgen. Haar wetenschappers hadden ook een achterpoortje ingebouwd dat zij de enige was die de orders van de Generaal kon herroepen. Ze moest ten allen tijde kunnen ingrijpen in de situatie en een Generaal als Douglas Porter zou op een bepaald moment zijn eigen agenda kunnen hebben. Het zou hem ten zeerste spijten moest hij dat proberen.
‘Zo lang je “mijn” orders opvolgt, Generaal, hoef je je mannen niet te vrezen,’ waarschuwde ze hem toch even. Een man moest zijn plaats kennen. ‘Ik heb een aantal senators die uit mijn hand eten en die zullen hier de situatie in hun ambtsgebied in het oog houden en de mensen de nodige uitleg geven. Nu moeten we nog enkel de reden voor de invasie laten uitvoeren. Je kon zomaar een land niet aanvallen, er moest een reden zijn.’
De Generaal knikte. Hij had geen medelijden met de slachtoffers die hieraan ten gronde zouden liggen. Hij had nooit op hen gestemd en vond James Loft op zijn minst uitermate antipathiek. Trouwens President James Loft en zijn vicepresident Irene Langham hadden hem in zijn loopbaan een paar keer tegen de schenen geschopt en bepaalde plannen die hij hen had voorgeschoteld afgekeurd. Op het moment dat de senator zijn plaats zou innemen zou hij, Douglas Porter, haar vicepresident worden. Dat vooruitzicht zag hij wel zitten.
De senator had twee bezoekers uit de Nieuwe Wereld opgepikt en een gelijkaardige CB-chip in laten planten. Deze twee proefpersonen werden apart in quarantaine gehouden en zij kregen maar één opdracht geprogrammeerd. Een aanslag op het leven van President James Loft en zijn vicepresident Irene Langham. Ondertussen had ze de laatste maanden een overgroot deel van de politieke kanonnen bewerkt. Als voorzitster van het huis van Afgevaardigden zou zij automatisch na de dood van de twee doelwitten gekozen worden tot President. De senator die gekend was als iemand van de harde lijn, zou gezien de aanslagen gepleegd zouden zijn door inwoners van de Nieuwe Wereld, er  geen moeite mee hebben om het besluit erdoor te krijgen om de Nieuwe Wereld aan te vallen. Met haar leger zou de Nieuwe Wereld binnen de kortste tijd het loodje leggen. Ze had ondertussen door de financiering van de industriëlen waarmee ze het op een akkoordje had gegooid een aardige som verzameld voor haar militair oorlogsapparaat uit te breiden. Ze had veel beloofd maar de macht die zij in handen zou krijgen zou bepalen wat ze er voor terugbetaalde. Haar leger was bemand met het nieuwste en het modernste oorlogsmaterieel dat er bestond. Vooraf werden de soldaten zo geprogrammeerd dat ze met die nieuwe wapens overweg konden, zonder dat er maanden training vooraf aan gingen. De technologie stond voor niets: ‘the sky was the limit’.
Ze namen nog enkele praktische zaken door onder het drinken van de rest van de fles Moët & Chandon, waarbij de Generaal het merendeel voor zijn rekening nam. Ze spraken af dat morgenavond de aanslagen op de beide presidenten zou doorgaan en dat de invasie, als er geen onverwachte omstandigheden dit tegenhielden, in het weekend zou doorgaan. Vandaag  was het dinsdag. De senator had een aantal dagen om haar politieke vrienden te overtuigen om met de invasie te starten. Het was een weg die zij voor de buitenwereld moest volgen, maar ze had de meerderheid al in haar zak. Ze glimlachte en nipte heel matig van haar glaasje champagne, niettegenstaande ze reeds dronken was van de macht die ze voor haar in het verschiet zag.



……..



copyright Rudi J.P. Lejaeghere


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen