zondag 22 mei 2016

Requiem: Hoofdstuk 46 (2e deel)















……..



            Iléna hield de schermen goed in de gaten. Op een bepaald ogenblik had ze een man de parkeergarage zien binnenkomen. Op de lift waaruit hij kwam stond ‘privaat’. Misschien was het iemand van de onderhoudsploeg van de toren die overuren had geklopt. Even liep hij heel dicht langs een camera en kon ze zijn gezicht goed onderscheiden. Het was een man met zorgen aan zijn hoofd. Zijn wenkbrauwen gefronst, zich niet bewust dat iemand hem bekeek, spoedde hij zich naar zijn vervoersmiddel. Wie weet waaraan hij dacht? Een vrouw die hem straks zou verwijten dat hij weer te laat thuis kwam. Misschien keerde hij terug naar de eenzaamheid van een vrijgezellenflat om een voorbereide smakeloze maaltijd op te warmen en voor de tv als een zombie op te eten bij een blik of vier bier of een fles wijn. En dan in slaap vallen als een blok, even de zorgen naar de achtergrond geduwd in de roes van de alcohol om morgen weer hetzelfde patroon te herhalen. Je kon het niet van hun gezicht lezen, het zal allemaal in hun hoofd.
            In haar hoofd en namelijk specifiek in haar oorschelp zat een oortje waar ze het bericht doorkreeg dat Joeri en Nikolaj de lift verlieten. Ze hadden nog wel een paar obstakels te gaan vooraleer ze aan de ruimte kwamen waar de CCD stond. Ze had wat activiteit bespeurd op een aantal verdiepingen. Iléna lachte in haar vuistje. Een man met twee glazen en een fles die op zijn kousenvoeten naar een belendende kamer sloop. Wat dacht die kerel, hij zag er uit alsof hij bang was iemand te ontmoeten? Een amoureuze ontwikkeling of ging de man vreemd terwijl zijn vrouw in dromenland verkeerde. Hij klopte aan bij een deur wat verder in de gang. Een vrouwelijke hand verscheen en trok hem binnen. ‘Vashe zdorovie! Proost,’ sprak ze tegen de vreemdeling op het scherm terwijl ze een flesje water hief en er even aan nipte.
            Ondertussen had ze ook het systeem onder de knie om over te stappen op de manuele bediening van de bewakingscamera’s. Ze had een handboek in een van de kastjes van de balie gevonden die daarbij een goede hulp was. Om de verveling wat te doden had ze wat zitten experimenteren. Nu ook was ze wat aan het zappen van verdieping naar verdieping. Ze had via de manuele bediening verschillende zaken ontdekt over de toren. Er was een restaurant en een modezaak op de eerste verdieping die op dit moment gesloten waren. Het was immers de sluitingsdag van het restaurant, dat had Feliciano vooraf uitgekiend en de modezaak sloot heel wat vroeger zodanig dat ze daar ook geen last van hadden. Plots zag ze iets dat haar aandacht trok. Op de tweede verdieping was er zoals op elke verdieping een ruimte voorzien waar men het vers beddengoed en dergelijke zaken bewaarde. Dat was niet abnormaal. Wat haar verontruste was dat er daar nu al activiteit was. Was dit een nachtploeg die aan het werk was en alles klaar legde voor de volgende morgen? Via welke weg zouden deze mensen vertrekken als zij klaar waren? Ze telde vijf mensen. Normaal gezien, zoals de vreemdeling zouden ze misschien via de privaatlift vertrekken maar als ze via de hoofdingang vertrokken en de verdoofde bewaker zouden zien, was zij de pineut. Een tweetal personen zou ze moeiteloos de baas kunnen, maar als ze besloten om allemaal via de balie te vertrekken, zou dit een probleem worden. Een iemand was genoeg om een alarm in werking te zetten.  Ze meldde via haar verbinding haar bevindingen aan Gekko.
            ‘Oké, Iléna, ik hou het in het oog. Tweede verdieping zei je,…ja, ik heb ze in beeld. Als het nodig blijkt sluit ik de toegang tot het gelijkvloers af en doe ze via de parkeergarage naar buiten gaan. Ik zoek even voor alle zekerheid de bediening van de lift op, dat we straks voor geen verrassingen staan. Goed van je om het te melden. Blijf alert want we zijn er nog niet.’
            Iléna voelde zich plots heel wat nuttiger. Vooraf had ze het een vervelende klus gevonden. Een nachtwaker uitschakelen en wat uurtjes voor schermen zitten was voor haar het synoniem van niets doen. Blijkbaar was haar job belangrijker dan ze gedacht had. Ze begon met meer concentratie de schermen te bekijken en van verdieping naar verdieping over te schakelen. Misschien waren er nog zo’n ploegen aan het werk. Maar na een tijdje zag ze dat dit de enige waren. Het zou de nachtploeg zijn en die zou zijn aantal verdiepingen doen en waarschijnlijk dan morgenvroeg vervangen worden door de volgende shift. Dat was het voor de hand liggende antwoord. Gelukkig voor hen waren niet alle verdiepingen voor hotelgasten. Er waren vergaderzalen, ontspanningsruimtes, fitnesszalen, zwembaden voor groot en klein en zelfs een bibliotheek. Een discotheek had ze ook al tegengekomen, maar die was enkel in het weekend open. Op dit uur waren de bars aan het leeglopen. De kans dat er iemand via de hoofdingang de toren verliet was eerder klein. Daar hadden ze het al over gehad. De parkeergarage met de autobots was op dit moment volgens de statistieken die Gekko had gehackt de enige gebruikte lift-stop. Iléna zapte nog even naar de tweede verdieping met de onderhoudsploeg. Gezien de snelheid waarmee deze vrouwen werkten, veronderstelde ze dat ze een heel karwei hadden vooraleer ze afgelost werden en dus geen tijd hadden om te lanterfanten. Ze hadden hun handen vol, letterlijk en figuurlijk. Het deed haar denken aan de vreemdeling die vertrokken was. Een man! De onderhoudsploeg die ze hier zag bestond uit vrouwen?
            ‘Gekko, ik heb hier beelden van een man die uit een privaatlift is gekomen. De onderhoudsploeg zijn allemaal vrouwen. Ik heb hier op de opnames een close-up van zijn gezicht. Kan je hem misschien even door de molen draaien om te weten te komen wie hij is? Of kan je niet bij het personeelsbestand?’ vroeg een wulpse stem die wat vervormd in de oren van Gekko klonk.
            ‘Mijn beste Iléna, voor mij gaat alles die gesloten is open. Van “zakryto” naar “otkryto”, met mijn spullen hier zet ik alles van ‘gesloten’ naar ‘open’.’ Gekko sprak de Russische woorden natuurlijk weer met een verschrikkelijk accent uit wat resulteerde in een gniffelend gelach in zijn oor.
            ‘Mmm, lieve Gekko, jij weet hoe je een Russisch meisje het hoofd op hol moet brengen,’ plaagde ze hem een beetje.
            Gekko werd zo rood als een tomaat, maar dat zag Iléna gelukkig niet. ‘Oké…euh, ik laat je straks iets weten of ik iets over die man terugvind. Gekko out,’ sloot hij de conversatie af. Zo’n afleiding had hij op dit moment niet nodig.
Hij zag Joeri en Nikolaj de deur naderen die leidde naar een gang die in het plan als een cruciaal punt was aangestipt. Als er een mogelijkheid was geweest om een ander weg te volgen, zou Gekko die aangeraden hebben. Maar die was er niet. Dus moesten ze proberen ongezien voorbij de wachtpost van ‘De Kelder’ te komen, hem te overmeesteren en de sleutel van de kamer waar de CCD stond binnen te geraken . Gekko had de man al een tijdje voor de gek kunnen houden met een loop van opgenomen beelden op zijn schermen te laten verschijnen van de punten die hij in het oog moest houden in ‘De Kelder’.

Zodanig was die man rustig in zijn stoel blijven zitten. Hij zag er wat verveeld uit maar dat zou niet zo blijven moest Gekko een fout maken. Nu was het aan Joeri en Nikolaj. Op dit punt kon Gekko niet helpen. Deze mannen waren niet aan hun proefstuk toe maar de afstand van de vinger van de wachtpost naar de knop die rechtstreeks verbonden was met de veiligheidstroepen van de senator was amper twintig centimeter van elkaar verwijderd. Die was in een seconde overbrugd en dan zouden de poppen aan het dansen gaan. Dat wou zeggen dat ze minder dan één seconde hadden om de man zijn handen van het gevaar weg te houden. Gekko kruiste bijgelovig zijn vingers.  

copyright Rudi J.P. Lejaeghere





Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen